De spoorbloem groeit het beste in neutrale tot licht kalkrijke grond met een aanbevolen pH-waarde van ongeveer pH 6,5 – 8.
De plant verdraagt arme en droge bodems goed en doet het vaak juist beter in wat kalkrijke, stenige of zanderige grond dan in zware, natte kleigrond. Daarom zie je spoorbloem vaak spontaan groeien langs muren, taluds en tussen stenen.
Vermeederen
De zaden van Centranthus ruber kunnen het beste worden gezaaid in het voorjaar (april–mei) of in het najaar (september), bij voorkeur op een zonnige plek in goed doorlatende grond.
Oorsprong
De spoorbloem komt oorspronkelijk uit het Middellandse-Zeegebied. Vanuit landen rond de Middellandse Zee is de plant later naar andere delen van Europa gebracht als sierplant voor tuinen.
In landen zoals Nederland en België is de plant inmiddels wel verwilderd en ingeburgerd. Dat betekent dat hij zich buiten tuinen kan uitzaaien en spontaan kan groeien, bijvoorbeeld:\
- langs muren en dijken
- op droge taluds
- tussen stenen of op kalkrijke grond
Hoewel de spoorbloem dus regelmatig in het wild voorkomt, wordt hij botanisch gezien niet als inheemse soort beschouwd.
Ter vergelijking: de echte valeriaan, Valeriana officinalis, is wél inheems in grote delen van Europa en groeit van nature in vochtige graslanden en langs water.





